Keep the Faith

Jouw online gids in onzekere tijden

Afbeelding bij Hoop in een post-optimistische tijd (Deel 2)

Hoop in een post-optimistische tijd (Deel 2)

Door: Tim Vreugdenhil

Tim Vreugdenhil is oprichter van Citykerk en heeft als stadspredikant van Amsterdam de opdracht bij te dragen aan bezinning en debat in de stad.
Foto door Felix Mittermeier.

In het project Hoop volgens Halík schrijft Tim bespiegelingen over een hoofdstuk uit het boek Niet zonder hoop. Deze keer: een staatscommissie voor zingeving en hoop. Hoe houd je in deze crisis hoop?

Sinds half maart verkeren we in crisis. Het c-woord is overal. Maar wat zegt dat? Wat voor soort crisis is dit? Destijds begon het als een ‘bankencrisis’ die zich in rap tempo tot een financieel-economische crisis ontwikkelde. Nu is wat begon als een gezondheidscrisis even snel op weg om een ongekende economische crisis te worden. Of kunnen we beide crises ook sociaal-politiek noemen? Een globale of een nationale crisis? Een Europese solidariteitscrisis? Een crisis van alles met alles? Tim Vreugdenhil beantwoordt deze vragen aan de hand van de denkbeelden van de Tsjechisch rooms-katholieke priester, filosoof en theoloog Tomas Halík.


Crisis vraagt om keuzes

Op het eerste gehoor betekent crisis tegenwoordig zoveel als ‘doffe ellende’. Als het bij Ajax crisis is, betekent het meestal dat er drie wedstrijden op rij verloren zijn gegaan. Interessant is de oorspronkelijke betekenis van het Griekse crisis: scheiding of beslissing. Ook hier helpt het voorbeeld van Ajax. Na drie verloren wedstrijden moet er iets gebeuren. Een andere speelstijl, een nieuwe trainer wellicht? Het kan in ieder geval zo niet doorgaan! Er moeten dingen worden afgewogen, beslissingen genomen, knopen doorgehakt. Bij een kabinetscrisis geldt hetzelfde: wordt het breken of lijmen? Een crisis vraagt om keuzes. En bij een ongekende crisis horen misschien ongekende beslissingen.


Optimisme is van lang geleden

Ik denk dat er niet eerder een crisis geweest is waarbij mensen uit alle geledingen van de samenleving vanaf dag één bepleiten dat er allerlei dingen anders moeten. Wat dat betreft is Lidewij Edelkoort een ware trendwatcher: deze crisis kan onze redding zijn, riep ze vrijwel onmiddellijk. Ontelbaar veel publieke en private trendwatchers volgden haar voorbeeld. Daaronder ook predikanten met beschouwingen over hoe corona een kans was om nu eens werkelijk een veertigdagentijd van vasten en verstilling te beleven. Een enorme crisis wordt door velen – in het voetspoor van Churchills never let a good crisis go to waste - als een enorme kans beschouwd. Zou het werkelijk? De filosoof en theoloog Tomas Halík zou onmiddellijk waarschuwen voor misplaatst optimisme – hij is daar geen voorstander van. Althans: de crisis meteen in een kans veranderen, gaat hem niet diep genoeg. En niet alleen omdat je van de meeste crises kunt beweren dat mensen er over het algemeen weinig door veranderen. Halík trekt een lange lijn (noem het trendwachten in je achteruitkijkspiegel) en zegt dat we al een hele lange tijd in permanente crisis zijn. De financiële crisis van tien jaar geleden en de coronacrisis van dit moment zijn niet simpelweg ‘bizar’: ze kunnen beter beschouwd worden als “symptomen van de zich voortslepende crisis van de moderne tijd.” Halík herinnert ons eraan hoe sinds de late 19e eeuw de grote Westerse denkers eigenlijk nooit meer echt optimistisch waren. In die zin is het eigenlijk altijd crisis. Crisis geldt sinds 150 jaar als het nieuwe normaal.


Money en mondkapjes

De vorige, financiële, crisis was in de ogen van Halík een crisis van het ‘money-theïsme’. Op de plek waar men in de joods-christelijke traditie sprak over ‘God’, staat in deze vorm van religie geld in het middelpunt. Dat is al een oud gelooft, met deels bijbelse wortels, bijvoorbeeld in het oudtestamentische verhaal over hoe Israël besluit om God te verbeelden in de vorm van een gouden kalf – een idool dat Mozes vervolgens aan stukken slaat. Maar steeds opnieuw keert dit denken terug. Money-theïsme ziet Halík ook in voorbeelden van wetenschap die wordt bedreven om het doel van winst en geld. “Dat blijkt waarschijnlijk het duidelijkst in de manipulatie van geneesmiddelenonderzoek door de belangen van farmaceutische bedrijven: winst is de waarheid van de wetenschap geworden.” Is het ver gezocht om te zeggen dat het ‘money-theïsme’ van een decennium geleden zich nu manifesteert in de vorm van ‘mondkapjes-theïsme’? Gezondheid staat in ieder geval nadrukkelijk in het centrum van de aandacht. Ironisch dat sinds de curve daalt, mondkapjes en money, gezondheidszorg en economie met elkaar in een belangenconflict verwikkeld zijn. Waaraan geven we als samenleving prioriteit?


IC-bedden als sacrament

Halík waarschuwt voor goedkope kritiek vanuit kerk en theologie. Belangrijker is het om een echte theologische analyse te maken, iets dat verheldert en op scherp zet. Van meerdere kanten kreeg ik al de vraag: wat vind de kerk eigenlijk van deze crisis? Wat denkt zij dat er nu gebeuren moet? Degene die deze vraag gisteren nog aan me stelde is communicatiespecialist bij de overheid, geen christen en oprecht benieuwd naar een kerkelijk statement. Halík doet zelf een voorzet. In de kerk kennen we vanouds ‘sacramenten’: objecten waarin zich iets van het heilige manifesteert, een zichtbaar teken van de onzichtbare genade. Denk aan het water van de doop of het brood tijdens de maaltijd van de Heer. Precies zo is geld het sacrament van het money-theïsme: het is een toegangsbewijs tot alle zegeningen van een materiële samenleving. Maar geen goedkope kritiek dus. Justin Welby, de aartsbisschop van Canterbury en in een eerder leven financiële topman bij een oliemaatschappij, zegt over geld: er is niks mis mee, behalve dat het de neiging heeft om alle andere dingen permanent te overschreeuwen. Hebben IC-bedden, beademingsapparatuur, mondkapjes en zelftests in de huidige situatie niet ook een sacramentele status gekregen? In ieder geval vormen ze de zichtbare tekens van het onzichtbare goed van gezondheid.


De tweede berg

Wat Halík bedoelt, kan ik het beste opnieuw aan de hand van het boek van David Brooks, De tweede berg, illustreren. Geld en status zijn bij Brooks sacramenten die horen bij de eerste berg. “De meritocratie (je bent wat je verdient) is het meest zelfbewuste morele systeem in onze huidige wereld. Ze is zo meeslepend en maakt zo’n natuurlijke indruk dat we ons er zelfs niet bewust van zijn hoe ze een zeker economisch vocabulaire over niet-economische dingen aanmoedigt.” De tweede berg heeft andere entreebewijzen. Brooks noemt er vier en baseert daar zijn hele boek op: roepingsbesef, een duurzame relatie, een diepgewortelde levensovertuiging (‘basic faith’) en deelname aan een community. Crisis vraagt om een keuze, vindt ook Brooks. En de belangrijkste keuze die we kunnen maken, gaat over het beklimmen van de eerste of de tweede berg. Een keuze die we individueel en collectief moeten maken. Dit zou een ongekend grote beslissing zijn. Een stap van de eerste naar de tweede berg, zou een einde kunnen maken aan anderhalve eeuw Westers pessimisme. De ‘second mountain’ is, zegt David Brooks, de berg van de vreugde, de mountain of joy.


Crisis als geestelijke kwestie

Crisis is bij Halík ook een ander woord voor ziekte. Onze samenleving is ziek, zegt hij in 2009. Die metafoor werkt vandaag nog krachtiger. Ik laat Halík nog even zelf aan het woord. Wie ziek is, moet allereerst de hulp inroepen van de medische wetenschap. Zo moet onze samenleving alles aangrijpen wat er bestaat aan economische, sociale en politieke maatregelen. Maar iedere ziekte, die van een persoon én die van een samenleving, is ook een geestelijke kwestie. Daarvoor is een aanvullende behandeling nodig, een weg van zingeving en hoop. Dat is wat in 2009 nodig was en nu eveneens. Handelaren in angst zien we meer dan genoeg. Waar blijven de dokters van de hoop? En vooral: wie zijn dat?

Halík zou Mark Rutte groot gelijk geven in diens keuze om zich onmiddellijk te omringen met mensen met medische expertise. Dat moet je eerst doen. Maar nu de curve omlaag is gegaan en maatregelen worden versoepeld, is het tijd voor een volgende stap. Wat te denken van een staatscommissie die adviseert inzake zingeving en hoop?Vaak las ik in de afgelopen tijd hoe een ogenschijnlijk doeltreffende lockdown een andere crisis in de hand zou werken, om te beginnen in verpleeghuizen maar ook onder singles: een eenzaamheidscrisis. Halík legt de vinger op de zere plek: zo doeltreffend als de distributie van mondkapjes inmiddels op gang gekomen is, zo stil blijft het als het over die ‘aanvullende behandeling’ gaat. Ik moet denken aan Volkskrant-journalist Fokke Obbema met zijn prachtige serie artikelen (en inmiddels boek) Op zoek naar zin. Zijn ernstige aandoening kon destijds gelukkig goed worden behandeld. Daarna bleek hij een andere en meer langdurige behandeling nodig te hebben: de speurtocht naar zin. Het mooie van zijn serie interviews is dat hij veel ‘gewone’ mensen in beeld brengt die ieder voor zich dokters van hoop blijken te zijn. Wat hen verbindt, is dat ze allemaal begonnen zijn aan wat David Brooks zou omschrijven als het beklimmen van de tweede berg.


Houd hoop

Crises, persoonlijke en sociale, horen bij het leven, aldus Halík. Goedkope en snelle oplossingen zijn er niet. Ook nu niet. Misschien is het inderdaad zo: never waste a good crisis. Maar dan in geestelijke zin: als kans om te groeien, om meer volwassen te worden. Elke crisis – hoe verschillend ook – heeft één gedeeld aspect: dat van een tekort aan vertrouwen. Iets of veel stort in, functioneert niet meer. Dat stuk van een crisis leidt tot een zoektocht naar hoop. Hoop is geen simpel recept maar wel een aspect dat we niet mogen vergeten. Want zonder hoop kunnen we een crisis niet werkelijk overwinnen. Die hoop stelt ons zelfs in staat om eenvoudigweg wat meer geduld te hebben met lockdown-maatregelen, geleidelijke openstelling en economische steunpakketten: “Als de mens (of de maatschappij) niet genoeg vertrouwen en hoop heeft of als de illusies de plaats van zijn hoop innemen, zal hij niet de kracht hebben om de ‘technische maatregelen’ te nemen die nodig zijn om crises te overwinnen.” Als Mark Rutte iemand als Tomas Halík in zijn crisisteam zou hebben, zou deze hem adviseren om niet alleen te zeggen ‘hou vol’. De beste aanwijzing die ook een regeringsleider zijn of haar bevolking kan geven, luidt: houd hoop. Of ga zoiets zoeken.



Meer in Amsterdam

Wekelijkse update ontvangen?

Meld je aan voor onze nieuwsbrief en ontvang elke week de nieuwste berichten in je mailbox.

Vul een geldig email adres in.

Nee, dank je